Verzenuwd tijdens een donderse prestatie


‘Blijk gevend van een gespannen, nerveuzen toestand’, dat is de definitie die het WNT geeft van het lemma verzenuwd, met daarbij als synoniemen gespannen, nerveus, zenuwachtig.
Van verzenuwd had ik nog nooit gehoord voordat ik het tegenkwam in Martine Bijls mooie (geestig, vlot, monter) bundeltje Hindergroen.

{p. 160-161}  Kruisen bij harde wind in de Ringvaart, een redelijk smal kanaal, dat was een donderse prestatie die om enigerlei reden volbracht moest worden.
  Mijn vader zat met geknepen mannenmond aan het roer, en als hij sprak dan schreeuwde hij, in een vreemde taal. ‘Klaar voor de wending? Réé!’
  De boot wendde de steven.
  Mijn moeder greep verzenuwd naar de andere fokkeschoot. Soms miste ze hem, dan klapperde het zeil oorverdovend, en dan was zij stom en een wijf.

{p. 169}  De broers deden lelijk tegen elkaar. Ze deden trouwens ook lelijk tegen de klanten. Ik geloof dat de basisgedachte was: alle tafels moeten afgeruimd en schoon zijn vóór een volgende ronde – wat betekende dat er ten slotte nog één gezin verzenuwd aan de laatste poffertjes zat, terwijl Afruimbroer er snuivend naast stond, zijn natte dweiltje in de aanslag.

Verzenuwd lijkt het als bijvoeglijk naamwoord gebruikte voltooid deelwoord van verzenuwen, maar dat werkwoord bestaat helemaal niet, net zomin trouwens als zenuwen.¹ Daarom moet het rechtstreeks zijn afgeleid van het zelfstandig naamwoord zenuw. Een woord als verzenuwd wordt een pseudodeelwoord genoemd. Ander voorbeeld: verkikkerd.

In het WNT staat dat verzenuwd vóór 1921 slechts was aangetroffen in een bron uit 1910. Ook m.d.k.v.n., nu we Delpher hebben, gaat de vroegste attestatie van verzenuwd niet verder terug dan 1909.² Zo na 1960 kwam het een beetje in de lift, ongetwijfeld mede dankzij een aantal krantenstrips van Marten Toonder,³ maar courant is het nooit geworden. Het moet dan ook concurreren met diverse sterke synoniemen, zonder echt onderscheidend te zijn. Dat wil zeggen, de Dikke Van Dale labelt het als ‘informeel’, maar is dat wel terecht?

Treffend vind ik verzenuwd in een passage uit De levens van Jan Six, een boek van Geert Mak.

Het werd een zelfs voor deze kringen zeldzaam beroerd huwelijk. Frans Blaauw leefde zich uit in jachtpartijen met de Europese adel, besteedde fortuinen aan de aankoop van wilde dieren, haalde op het nieuw verworven Gooilust alles overloop, herschiep de tuinen gaandeweg tot een wildpark en deed alles zonder enig overleg met Louke – hoewel zij wel voor alle kosten opdraaide. Ze trok zich steeds meer terug, somber en verzenuwd. Kinderen zouden ze nooit krijgen, Blaauw had meer belangstelling voor de stalknecht.

Ze trok zich steeds meer terug, somber en verzenuwd. Hier kan verzenuwd worden opgevat als het gevolg van een langdurig proces, gelijk verziekt, en niet als een tijdelijke, kortdurende gemoedstoestand.




1 Ontzenuwen bestond al wel. Je zou kunnen zeggen dat zenuwen daardoor latent aanwezig was.
2 Het Vaderland, 10-07-1909.
3 O.a. Tom Poes en de grote Barribal, Tom Poes en Bombom, de geweldige en Koning Hollewijn en de Drummel.


Referenties
Middelnederlandsch woordenboek (MNW), lemma senuwen.
Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT), lemma’s verzenuwd en verzenuwing (gepubliceerd in 1988).
Algemene Nederlandse Spraakkunst (elektronische versie) (E-ANS, versie 1.3).
Martine Bijl, Hindergroen, 2016, p. 160 en 169.



» index


Geplaatst op 18 maart 2020, het laatst gewijzigd op 22 maart 2020.

© de 5e Verdieping 2020